(17) Bijzondere waardeverminderingen

De boekwaarde van de niet-financiële activa van de Groep, uitgezonderd onderhanden werken debet (zie grondslag 14), voorraden (zie grondslag 13) en uitgestelde belastingvorderingen (zie grondslag 7), wordt op balansdatum opnieuw bezien om te bepalen of aanwijzingen aanwezig zijn voor bijzondere waardeverminderingen. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.

Voor goodwill en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, wordt per balansdatum de realiseerbare waarde geschat.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen.

Bijzondere waardeverminderingsverliezen opgenomen met betrekking tot kasstroomgenererende eenheden worden eerst in mindering gebracht op de boekwaarde van de goodwill en vervolgens naar rato in mindering gebracht op de boekwaarde van de overige activa van de eenheid (groep van eenheden).

(17a) Berekening van de realiseerbare waarde

Voor de activa is de realiseerbare waarde gelijk aan de hoogste van de opbrengstwaarde of de bedrijfswaarde. Bij het bepalen van de bedrijfswaarde wordt de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen berekend met behulp van een disconteringsvoet die een afspiegeling is van zowel de actuele marktrente als van de specifieke risico’s met betrekking tot het actief. Voor een actief dat geen kasontvangsten genereert en dat in hoge mate onafhankelijk is van andere activa, wordt de realiseerbare waarde bepaald door de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort.

(17b) Terugneming van bijzondere waardeverminderingen

Met betrekking tot goodwill worden geen bijzondere waardeverminderingsverliezen teruggenomen.

Voor andere activa wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen indien een aanwijzing bestaat dat het bijzondere waardeverminderingsverlies niet meer bestaat of mogelijk is afgenomen en de schattingen zijn veranderd aan de hand waarvan de realiseerbare waarde is bepaald.

Een eerder verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies wordt slechts teruggenomen voor zover de boekwaarde van het actief na terugname niet hoger is dan de boekwaarde die zou zijn bepaald, na aftrek van afschrijvingen of amortisatie, indien in eerdere perioden geen bijzonder waardeverminderingsverlies was verantwoord.

Mededeling – De in dit jaarverslag opgenomen financiële verslaggeving van Koninklijke Heijmans N.V. betreft een niet-ESEF-conforme en derhalve niet-officiële weergave. De officiële versie van de financiële verslaggeving is opgenomen in het ESEF-rapportageformat en is beschikbaar via https://rapportage.heijmans.nl/downloads.

Het bestuursverslag als bedoeld in Boek 2 titel 9 BW betreft de onderdelen Woord van onze CEO, Dit is Heijmans, Onze strategie, Risicomanagement, Governance m.u.v. het Verslag van de raad van commissarissen, en de bijlagen m.u.v. de overige gegevens (Resultaatbestemming, Controleverklaring van de onafhankelijke accountant en Assurance-rapport met beperkte mate van zekerheid van de onafhankelijke accountant over het duurzaamheidsverslag).

Previous Next
Download